Gebitsverzorging

Voor oudere paarden is de toestand van het gebit voor een belangrijk deel bepalend voor de gezondheid. Het gebit van een ouder paard vertoont altijd wel gebreken en slijtage waardoor het kauwen van voedsel moeilijker wordt.

Het paardengebit

Het paardengebit bestaat uit snij- en hoektanden en kiezen. Een paard kauwt met een maalbeweging, om vezelrijk voer te kunnen verwerken. Paarden die grazen onderhouden hun gebit voor een belangrijk deel zelf. De onderkaak komt naar voren als het hoofd naar beneden gaat en glijdt weer terug als het paard het hoofd weer optilt. Hierdoor en door de zijwaartse maalbeweging slijt het gebit gelijkmatig af. Dat is nodig, want de tanden en kiezen van een paard blijven hun leven lang doorgroeien.

Gebit en grazen

Paarden die in de stal staan, minder ruwvoer krijgen en het ruwvoer niet op de grond aangeboden krijgen, maar bijvoorbeeld hoog in een net, kunnen problemen krijgen met hun gebit. Het paard beweegt het hoofd niet meer op en neer bij het eten en de voeding is minder vezelrijk dan noodzakelijk is. Daarmee wordt de natuurlijke slijtage negatief beïnvloed en kunnen haken, richels en punten ontstaan die het kauwen frustreren en pijn veroorzaken.

Ouderdomskwalen

2015-01-07-PK-tandarts-hansbrongers-17Naast een onevenwichtige slijtage met alle gevolgen van dien, is bij oudere paarden het ontstaan van ruimtes tussen de kiezen een probleem. Dit komt door de uitgroei van de tandwortel. Deze zogenoemde diastasen kunnen verstopt raken met vuil en voedselresten waardoor het tandvlees ontstoken raakt. Uiteindelijk kunnen hierdoor tanden en kiezen uitvallen. Ook is bij oudere paarden de kans dat de kiezen steeds gladder worden door het langdurige afslijten groot. Het malen van voedsel wordt daardoor lastiger en het voedsel zal dan moeten worden aangepast.

Gebitsverzorging op De Paardenkamp

Op De Paardenkamp is de conditie van het gebit van een paard bepalend voor de manier van huisvesten en de bijbehorende voeding. Als paarden het gras in het weiland of het hooi in de groepsstallen niet meer weg kunnen krijgen, worden ze ‘s nachts individueel op stal gezet, zodat ze op maat gevoerd kunnen worden met de juiste voersamenstelling.

Welke voeding ze krijgen wordt voornamelijk aangepast aan de hand van de gebitsafwijkingen. Als alle tanden en kiezen verdwenen zijn en het paard niet voldoende voeding binnen krijgt, dan gaat de conditie meestal snel achteruit. Maar dat verschilt wel per paard, want er zijn paarden die met weinig tot geen tanden toch nog genoeg eten naar binnen kunnen krijgen.

Ieder jaar de paardentandarts

Op De Paardenkamp worden alle paarden minimaal één maal per jaar door de tandarts behandeld. Onder andere worden haken en punten weg gevijld, diastasen worden schoongemaakt en als het nodig is worden tanden of kiezen getrokken. Daardoor is er als het goed is geen paard meer dat littekens of wondjes aan de binnenkant van de mond heeft door haken of punten aan het gebit. Ook kunnen paarden langer goed kauwen en daarmee in conditie blijven als het gebit regelmatig weer in balans wordt gebracht.

Het gaat vooral om onderhoud, het gebit blijft zo goed mogelijk in conditie en dat vermindert last en pijn. Daarom is het zo belangrijk om bij paarden al van jongs af aan minstens elk jaar het gebit na te laten kijken. Voorkomen is beter dan genezen.