Paard kort gehakseld gras eten

Hoe houd je je je oude paard gezond?

Sommige oude paarden worden nog een paar keer per week bereden, terwijl anderen genieten van hun pensioen op de wei. In alle gevallen is het goed om de conditie van je oude paard in de gaten te houden. Het is belangrijk dat hij voldoende voedingsstoffen binnenkrijgt en niet te dik of te mager wordt. Dat is niet altijd eenvoudig. Zeker niet wanneer je te maken hebt met ouderdomskwalen  als PPID en een slecht gebit. Bij Stichting De Paardenkamp, een rusthuis voor paarden van 20 jaar en ouder, hebben we al 58 jaar ervaring met de verzorging van oude paarden. Hieronder delen we enkele tips met je.

Ruwvoer

Ruwvoer is het belangrijkste onderdeel van het paardendieet en de meeste oude paarden hebben daarnaast geen ander voer nodig. Kwalitatief goed ruwvoer bevat veel eiwitten en weinig suikers en levert alle voedingsstoffen en energie die oude paarden nodig hebben.

Vanaf 20 jaar noemen we een paard ‘bejaard’ en is het van belang om opnieuw te bekijken wat het dier aan voeding nodig heeft. Voor bejaarde paarden is de vertering van suikers moeilijker dan voor jonge dieren. Suikers kunnen voor gezondheidsproblemen zorgen. In tegenstelling tot wat vroeger beweerd werd, hebben oudere paarden wel veel eiwitten nodig. Bejaarde paarden moeten zelfs 15% tot 20% meer eiwitten binnen krijgen dan jonge paarden. Het is van belang om te weten of jouw ruwvoer voldoende eiwitten bevat. Je kunt dit uitzoeken door een ruwvoeranalyse uit te laten voeren.

Seizoenen

Het is een mooi plaatje: paarden op de wei. Helaas kan gras ook voor problemen zorgen als het teveel suikers bevat. Voor paarden is een weide met speciaal ingezaaid ‘paardengras’ het best. Dit is minder rijk dan ‘koeiengras’ en voor paarden beter verteerbaar. Heb je geen invloed op het weidemanagement? Houd je paard dan goed in de gaten. Door de gevoeligheid voor suikers en de beperkte beweging die ze krijgen, hebben oude paarden meer kans op overgewicht.

Dikke paarden hebben niet alleen een dikke buik, maar zijn ook te herkennen aan een harde, dikke manenkam. Check beiden regelmatig om hoefbevangenheid en insulineresistentie te voorkomen. Het kan helpen om foto’s te maken van je paard, zodat je gemakkelijker opmerkt dat zijn conditie verandert.

Het is normaal dat paarden in de winter gewicht inleveren. Afvallen is dus helemaal niet erg. Als je paard teveel invalt en je duidelijk de ribben kunt zien, dan is dat natuurlijk niet goed. Voer dan suiker- en zetmeelarm krachtvoer bij.

Gebit

Het is belangrijk om paarden van jongs af aan regelmatig te laten checken door een goede, gecertificeerde paardentandarts. Dat kan ook problemen in de toekomst voorkomen. We raden aan om de tanden minimaal één keer per jaar te laten nakijken. Bij paarden boven de 15 jaar kunnen de tanden het best onder verdoving en met elektrisch gereedschap behandeld worden.

Bij paarden met een slecht gebit is bijvoeren vaak noodzakelijk. Een slecht gebit heeft invloed op de vertering en maakt het opnemen van voedingsstoffen lastiger. Door kort gehakseld ruwvoer aan te bieden en eventueel krachtvoer te mengen met water maak je het voor deze paarden ook behapbaar.

PPID

Bij paarden met PPID is het extra belangrijk om de inname van suikers in de gaten te houden, omdat ze gevoelig zijn voor hoefbevangenheid. Op de weilanden van De Paardenkamp is het suikergehalte in het gras laag, omdat speciaal paardengras is ingezaaid. Ook wordt er extra bemest, zodat het gras voldoende eiwitten en minder suikers bevat. Door dit management kunnen de meeste paarden met PPID toch tijdens het weideseizoen het gras op. Zodra een paard echter tekenen van hoefbevangenheid toont, wordt hij direct van het gras gehaald. Deze paarden krijgen hun ruwvoer vervolgens in de vorm van gehakselde luzerne en geweekte bietenpulp.

We zetten alle tips nog even op een rij:

  • Zorg voor voldoende eiwitrijk ruwvoer;
  • Laat een ruwvoeranalyse uitvoeren;
  • Voer zo min mogelijk krachtvoer en liefst alleen suiker- en zetmeelarm;
  • Afvallen in de winter is niet erg, maar teveel invallen wel;
  • Zaai bij voorkeur paardengras in;
  • Voer paarden met een slecht gebit altijd bij;
  • Zorg voor kort gehakseld ruwvoer voor paarden met slecht gebit;
  • Laat minimaal 1x per jaar het gebit checken door een erkende paardentandarts;
  • Maak foto’s van je paard om zijn gewicht in de gaten te houden;
  • Geen weidegang voor paarden met (tekenen van) hoefbevangenheid.

Foto: Hans Brongers

Meer weten over PPID? Lees het hier.